Het C A G E D-systeem

Het CAGED systeem

Met het CAGED systeem kun je elk akkoord op de gitaarhals op 5 manieren spelen. Enorm handig.

Ongeachte de muziekstijl die je wilt uitvoeren: Met het CAGED systeem heb je hét raamwerk in handen om op elke positie van je gitaarhals akkoorden te kunnen spelen. Daarnaast leer je je gitaarhals zo goed kennen. Voorwaarde is dan al wel dat je vooral van de laagste 3 snaren (E A D, waarop je de grondtoon speelt) exact weet waar de noten op de hals liggen. 

 

Vingers, rondjes, cirkels en kruisjes, voor de volledigheid:

hand

 

We beginnen allereerst met een beknopte legenda, zodat je alle bouwstenen hebt om aan de slag te kunnen met de akkoorddiagrammen. Elke vinger van je linkerhand krijgt een nummer en de duim noemen we ‘T’. Daarnaast is het belangrijk om te weten welke snaren je wel en niet uit mag laten klinken. Open rondjes zijn de grondtonen en gesloten rondjes laten de andere akkoordnoten zien. Natuurlijk is de positie van het akkoord zeer belangrijk.

Allereerst de MAJEUR-akkoorden:

Open gitaarakkoorden met vingerzetting

Het CAGED systeem is gebaseerd op vijf open akkoorden: C, A, G, E en D. Nu zie je gelijk waar de naam zijn oorsprong heeft. Voor de duidelijkheid hebben we deze gitaarakkoorden nog even naast elkaar gezet.

cagedmajeur

 

 

 

 

Barré en verschuifbare akkoordgrepen

Nu is het tijd om de vijf grepen verschuifbare akkoordgrepen te laten zien. Mocht je al bekend zijn met barré-akkoorden, dan komen de E- en A-vorm je vast al bekend voor. De C- en G-vorm hebben allebei ook een barré. Bij deze grepen betekent dit ook dat je de eerste of de derde vinger plat over enkele snaren moet neerleggen.

cagedvormenmajeur

 

 

Lastig uiteraard, begin dan ook met de E en A vorm in barré.

 

De akkoorden van het CAGED systeem volgen elkaar in volgorde op over de hele hals heen. 

Hieronder de hals met de noten plus de CAGED cirkel:

cagedenhals

 

Als je dus begint met de D-vorm is het volgende ‘zelfde akkoord’ iets hoger op de hals te vinden via de C-vorm. Dan naar A-vorm, enzovoorts.

Probeer het maar eens uit met bijvoorbeeld een D-akkoord.

 

Hieronder een plaatje waarbij je de overlapping in CAGED kan zien, met een A-akkoord:

 

cagedoverlap

  A              G               E             D           C-vorm

 

 

De MINEUR CAGED variant:

 

OPEN AKKOORDEN CAGED MINEUR:

Om een duidelijke start te maken, hieronder weer het overzicht. Dus nummers en letter T zijn wederom neergezet bij de corresponderende vingers en duim. De positienummers, kruisjes, open en gesloten rondjes horen er natuurlijk ook weer bij. Zoals we de vorige keer vermelden, is CAGED gebaseerd op vijf open akkoorden (C, A, G, E, D). Deze keer gaan we de mineurvarianten (Cmi, Ami, Gmi, Emi, Dmi) onder de loep nemen.

cagedmineur

cagedmineurvormen

De verschuifbare akkoordenvormen van E mineur en A mineur komen je vast al bekend voor. Qua vorm verschilt deze D mineur akkoordgreep maar één vinger van de D majeur akkoordvorm uit het vorige blog. De vormen van G mineur en C mineur zijn ook het beste te benaderen als variaties op de majeur-grepen. Dit zijn echter wel de akkoordgrepen die het meest van je zullen vereisen. Oefen ze dan ook pas wanneer je goed bent warmgespeeld…

 

 

 

 

 

 


Posted in Blog, het CAGED systeem.

De Spaanse gitaar

Een goede keuze voor beginners

Voor beginnende gitaristen is het handig om met een Spaanse (Klassieke) gitaar te beginnen. Hoewel de hals wat breder is dan bij andere gitaren geeft dit toch ook weer wat meer ruimte voor je vingers bij het bespelen. Ook zijn de nylonsnaren een mindere aanslag op je vingers en vaak soepeler te bespelen. Het grote verschil is uiteraard dat je met de aanslag hand de vingers gebruikt om te tokkelen of akkoorden aan te slaan. Dit gebeurt op western- en elektrische gitaren vaak met een plectrum. Bij de overstap naar een dergelijke gitaar is het dan ook vaak werken aan het verfijnen van de aanslagtechniek met een plectrum. De geschiedenis van de Spaanse gitaar heb ik al behandeld: zie hier.

De diverse onderdelen

Er is echter nog veel meer over deze gitaar te vertellen. Allereerst de diverse onderdelen van de gitaar, de benamingen ervan: Zie hieronder een plaatje van de voor- en achterkant van een Spaanse gitaar. Veel spreekt in dit plaatje wel voor zich, toch wil ik wat termen even toelichten:

  • Mensuur: Dit is de (effectieve) maximale lengte van een trillende snaar die bepalend is voor de laagte van de toon. Instrumenten met grote mensuur zijn vaak groter dan instrumenten met een kleine mensuur. Bijvoorbeeld: een ukelele heeft een kleinere mensuur dan een Spaanse gitaar, en haar laagste toon ligt dan ook veel “hoger”. De mensuur-lengte van een (normale) Spaanse gitaar is 65 cm. Spaansgitaarbenamingen
  • Binding: De ingelegde “draad” die rondom loopt over het bovenblad van de gitaar.
  • Rozet: Dit is de versiering rondom het klankgat. Oorspronkelijk Moors.
  • Brug: het verlijmde houten stukje op het bovenblad, waarop brugzadel (verhoogde deel waar de snaren doorheen lopen) en brugkam (of brugbeen) zijn geplaatst.
  • Materialen: Er is een grote variatie in materialen mogelijk. Diverse houtsoorten worden gebruikt, waarbij vooral de klank en hardheid van het bovenblad belangrijk is. Zo worden er daarvoor bijvoorbeeld hardere houtsoorten als sparrenhout, ceder, of pijnboomhout gebruikt.  Voor zijkanten en toetsen bijvoorbeeld Pallisander. Die variatie zorgt natuurlijk ook voor de verschillen in prijs.
  • Fret: dit is een ijzeren balkje wat ervoor zorgt dat de snaar een bepaalde lengte meekrijgt. Die lengte, dus de precieze afstand tussen 2 punten (namelijk fret en brug) geeft een trilling en die zorgt weer voor een zuivere “noot”. Je plaatst je vinger altijd zo dicht mogelijk achter de fret. Er zijn ook fretloze instrumenten (fretless) of gitaren waarbij de fret is ingesneden in plaats van erin (en deels erboven) gelegd. De “plank” waarin de frets zijn gelegd noemt men het fretboard.
  • Hals: Op zich lijkt het me duidelijk waarom de hals “hals” wordt genoemd, echter ik wil hier een paar opmerkingen over maken: Allereerst is een hals nooit helemaal “recht” of ” waterpas”. Een hals heeft altijd een bepaalde “kromming”, en zelfs die kromming loopt nog “vlak” uit. De kromming of boog die de hals maakt luistert zeer nauw. De snaren moeten er op een bepaalde hoogte overheen worden gespannen, maar niet te hoog (moeilijker bespeelbaar) en niet te laag (de snaar loopt dan ergens op de hals “aan”, dit noemen ze een “buzz”). Om ervoor te zorgen dat de hals “stijf” blijft wordt er vaak gebruik gemaakt van bepaalde stijve houtsoorten (bijvoorbeeld Mahonie, Esdoorn, Pallisander). Daarnaast wordt een hals vaak (aan de achterzijde, binnenkant) verstevigd door middel van het infrezen en inleggen en verlijmen van (bijvoorbeeld) carbon fiber staven. (“rods” noemt men dit)

Nylon snaren

Een andere belangrijke eigenschap van de klassieke gitaar is het feit dat deze dient te worden bespannen met Nylon snaren. Deze snaren zijn er in verschillende soorten en materialen. Van “low tension” tot “high tension”. De “low tension” snaren zijn snaren met een lagere spanning en makkelijker speelbaar dan de “high tension” snaren. Deze laatste hebben een hogere spanning en klinken daardoor luider (en langer door). De “high tension” snaren snaren worden onder andere gebruikt op een flamenco gitaar (ook wel: “rode snaren”). De “medium tension” snaren liggen er tussenin. Er worden bij de klassieke gitaarsnaren verschillende soorten materiaal gebruikt:

  • Zilver omwonden snaren, dit zijn nylon (of composiet) snaren, welke omwonden zijn met verzilverd koper. Geven een warme, heldere klank. Vroeger werd er in plaats van nylon darm gebruikt.
  • Titanium omwonden snaren, dit zijn nylon (of composiet) snaren, welke omwonden zijn met titanium. Geven een warme, heldere klank met een goede respons en sustain.
  • Gecoate snaren, dit zijn snaren die bovenstaande samenstelling hebben. Deze gitaar snaren zijn daarnaast voorzien van een coating oftewel een beschermlaag. Dit heeft als voordeel dat de snaren veel langer meegaan, langer hun klank eigenschappen behouden en minder snel slijten. Hier staat tegenover dat de prijs van deze gitaar snaren hoger ligt. Normaal gesproken gaan deze snaren 3 tot 5 x langer mee dan “gewone” snaren. Veel gitaristen vinden snaren met een coating wat “kouder” klinken.

Er is, zoals je wel zult begrijpen, erg veel keuze in klassieke snaren, immers je kan naast het kiezen voor een bepaalde “tension” ook nog kiezen voor een bepaalde “winding” en/of “coating”. En uiteraard voor een bepaalde fabrikant. Zoals ik elders al heb uitgelegd is dit een persoonlijke (en vaak ook gitaarafhankelijke) keuze.

De dikte van de Nylon snaren heeft bij de klassieke snaar weinig tot geen invloed op de klank. De spanning (tension) heeft wel invloed: hoe hoger deze is hoe “harder”, duidelijker de klank zal zijn. Ook zal de snaar zwaarder te bespelen zijn zoals ik al vermeldde en wat minder warm klinken. Tot slot nog enkele bekende snaarmerken: Aranjuez, Augustine, D’Addario, La Bella, Boston, GHS, Hannabach en Savarez.  Een andere keer trouwens meer over het op de juiste manier bespannen en stemmen van de Klassieke gitaar!

Notatie en terminologie

Zoals wellicht wel bekend zal zijn speel je Klassiek gitaar met je vingers, en niét met een plectrum (al kan dat natuurlijk wel). Het speelt vaak fijner als je je nagels van je “aanslag-hand” wat laat groeien. De nagels van je vingers waarmee je de toetsen indrukt zijn uiteraard kort geknipt! Enige tips om je nagels lang te houden: Drink veel melk, gebruik (een doorzichtige) nagellak, hou je nagels altijd netjes bij. Tip om eelt op de topjes van je vingers te krijgen: Leg een baksteen op je buro en tik daar de hele tijd op terwijl je (bijvoorbeeld) je huiswerk maakt ofzo. Hieronder de benaming van de vingerzetting (vaak terug te zien bij notenschrift voor klassieke gitaarstukken):

Pima (aanslaghand)                                                        1,2,3,4 (fretboardhand)
Pulgar= duim                                                                  Wijsvinger= 1
Indice= wijsvinger                                                           Middelvinger= 2
Medio= middelvinger                                                       Ringvinger= 3
Anular= ringvinger                                                           Pink= 4

Tot slot: Bij het spelen van een klassiek gitaarstuk wordt (net als bij andere instrumenten) vaak aangegeven hoé de componist wil dat je e.e.a. speelt. Bijvoorbeeld: Forte, fortissimo, lente, piano, crescendo, etc. Daarnaast wordt er, speciaal voor gitaar, vaak bijgezet hoe het “technisch” dient te worden uitgevoerd:

  • Arpeggio: Tokkelend (de ene noot valt na de andere)
  • Apoyando: (letterlijk: drukkend) Vallende aanslag (rest stroke in het engels)
  • Tirando: (letterlijk: trekkend) Niet-vallende of open aanslag (free stroke in het engels)
  • Staccato: Kort, afgebeten
  • Rasquedo: Raspend
  • Golpe: Klop of tik op de gitaar
  • Legato: Gebonden (aan elkaar gebonden de noten spelen)
  • Hammer-on: (letterlijk: Hamer er op) Speel een noot en sla met een andere vinger de volgende noot (door neer te “hameren” op fretboard)
  • Pull-off: (letterlijk: Trek er af) Door een vinger van de snaar af te trekken speel je de volgende (vaak lagere) noot
  • Glissando: Van de ene naar de andere toon glijden (slide in het Engels)
  • Barrée: Met een vinger van de linkerhand (fretboardhand) meer dan één snaar tegelijk indrukken, je hebt kleine en grote barrée.
  • Neerslag: Alle snaren aanslaan in één beweging naar beneden aanslaan van de 6e naar de 1e snaar. (downstroke in het engels)
  • Opslag: Alle snaren aanslaan in één beweging omhoog aanslaan van de 1e naar de 6e snaar. (upstroke in het engels)
  • Gebroken aanslag: In de richting van de pijl sla je de snaren aan met één vinger. De snaren klinken nu niet tegelijk maar vlak na elkaar.

spaanstechniek

 IMG_9162


Posted in Blog, De Spaanse gitaar.

Welke snaren moet ik kopen?

Er zijn wel honderd soorten gitaarsnaren en evenzoveel varianten daarop. Variatie in materiaal, coating, spanning (tension), winding (roundwound, flatwound, groundwound, compound…): er is van alles mogelijk. En al die variaties hebben natuurlijk hun invloed op klank, houdbaarheid en speelbaarheid.

Over het algemeen geldt: Hoe dikker de snaar hoe meer sustain (veel sustain houdt in dat toon langzamer weg-ebt nadat je deze aanslaat), maar hoe moeilijker deze te buigen (“bending”) zal zijn. Een dikkere snaar zal ook wat minder snel breken dan de dunnere variant, natuurlijk. Daarnaast is het goed om te onthouden dat een strakker gespannen snaar (dus met meer tension) wat lastiger zal spelen en wat luider zal klinken. Vergis je niet, er staat al snel 35 kilo aan gewicht in gespannen snaren op je gitaar!

Zo zal een flamengo-gitarist  vaak zeer strak gespannen snaren (high tension) willen gebruiken, die klinken namelijk luider. Een bluesgitarist kiest daarentegen voor low tension (lagere spanning, dat “buigt” je snaren immers makkelijker). Ook zaken als sustain, speelbaarheid (gladheid) en levensduur van een snaar  zijn belangrijke overwegingen bij het zoeken naar een setje bij jou passende snaren. Hoe lang duurt het voordat je snaren dof gaan klinken, nauwelijks meer te stemmen zijn, of zo versleten raken dat ze breken? Er zijn speciale snaren te koop voor mensen met zweethanden, of snaren die je niet of nauwelijks zo hoort “piepen” als je je vingers eroverheen schuift. En ook de lengtes van de snaren kunnen verschillen, net zoals er in de lengte van gitaarhalzen verschillen zijn. Tenslotte zitten de fabrikanten ook niet stil: Er komen regelmatig nieuwe soorten snaren op de markt…Zie je door de bomen het bos nog??

 

Schermafbeelding 2013-09-24 om 09.06.57

 

De vraag: “Welke snaren moet ik kopen?”, is -dus- lastig te beantwoorden en dit komt vooral omdat smaken nou eenmaal verschillen. Wat vind je mooi klinken, welke snaar-spanning en /of winding vind je fijn spelen? Dat blijft natuurlijk persoonlijk. Maar om je wat op weg te helpen is het wellicht een idee om jezelf onderstaande vragen te stellen -en de antwoorden te formuleren- :

-Voor wat voor soort gitaar moet ik ze aanschaffen? Dat is natuurlijk vraag 1! Voor Spaans, Western, Elektrisch (banjo, mandoline, etc…)? En zoek je nieuwe snaren voor je elektrische gitaar,  kijk dan goed wat er op zit (welke dikte?), wil en kun je dat zo laten? Want wanneer je bij een elektrische gitaar je setje verwisseld voor een setje met andere snaardikte, dient je gitaar eigenlijk opnieuw afgesteld te worden, omdat je snaren op een andere hoogte boven de gitaar-elementen komen te hangen (een halve millimeter maakt al zeer veel uit!)…

Welke snaren zitten er nu eigenlijk op? En hoe dik zijn je snaren? Is je hoge ‘e’-snaar een .09, .10? Handig om te noteren! Heb je  low, medium, of high tension snaren? Roundwound, flatwound, groundwound, compound? (hierover een andere keer trouwens meer…) Ben je daar tevreden over, ontstemmen ze heel erg snel, of, zoek je toch een andere klank(kleur)? Tip: bewaar de hoesjes van je setjes, en zet er de datum op. Wanneer heb je de snaren op je gitaar gezet (of laten zetten)?

Heb ik een supergoeie gitaar of een “studie”-gitaar? Voor een studiegitaar hoef je niet per se de allerbeste snaren aan te schaffen natuurlijk. Als het maar goed (genoeg) klinkt toch? Voor een echt goede gitaar zou ik minder snel besparen op nieuwe, en wellicht wat duurdere, snaren aanschaffen. Daarnaast op tijd verwisselen en op stemming houden.

Wat voor soort muziek wil ik vooral spelen? Blues (makkelijker willen kunnen benden, dus dunnere, lichtere snaren nemen)? Heavy metal (dikkere snaren nemen die minder snel ontstemmen of breken)? Klassiek (welke klank heeft je voorkeur, een harde (dikkere) of softere toon (dunnere snaar)? Jazz (medium snaar die soepel glijdt?) Van alles wat (medium snaar)?

Hoe speel ik nu? Heb je een harde aanslag of zacht? Gebruik je een plectrum (let op dat het plectrum geen “braampjes” heeft)? Heb je erge zweethanden? Breek je vaak snaren (en zo ja, zou je dan niet beter een dikkere snaar gebruiken?)

Hoe vaak speel ik gitaar ten opzichte van wat wil (en kan) ik investeren? Je kan bijvoorbeeld kiezen voor  snaren met een speciale (anti-vet en -vuil) coating, die in principe langer mee zullen gaan maar qua klank vaak wat kouder klinken. Speel je maar eens per week een uurtje gitaar dan is het aan te raden om niet een zeer dure snaar te kopen, want ook al speel je niet op je gitaar, snaren verouderen toch (langzaam maar zeker)…Stelregel is dat een setje snaren ongeveer 25 speeluren meegaat. En snaren gaan langzaam doffer klinken – dat ga je pas na een tijdje echt merken -.

Koop ik er een speciaal schoonmaakmiddel bij om de levensduur van mijn snaren te bevorderen? Of om makkelijker over de snaren te kunnen glijden (slide)? Er zijn diverse middelen hiertoe op de markt. Sowieso is het aan te raden om ALTIJD je handen te wassen (met zeep) en goed af te drogen voordat je gitaar gaat spelen.  En na afloop van het oefenen even je snaren drogen met een zachte doek, of er even aan trekken (en snel loslaten) om het “vuil eruit te slaan”.

Als je bovenstaande vragen voor jezelf beantwoordt ben je al een stukje op weg bij het zoeken naar de voor jou “beste snaar”. Het blijft echter vooral een kwestie van uitproberen. Vraag ook eens aan andere gitaristen welke snaren zij gebruiken. Laat je voorlichten in een muziekwinkel. Thuis Gitaarles kan je natuurlijk ook adviseren en zal je helpen met het verwisselen van de snaren. Daarnaast kun je via Thuis Gitaar trouwens ook goedkoper snaren aanschaffen.

Tenslotte nog enkele tips: Haal nooit al je snaren tegelijkertijd van je gitaar af, laat de hals dus altijd wat ‘op spanning’ staan. Verwissel wel altijd al je snaren maar dus 1 voor 1. Ga daarbij voorzichtig om met nieuwe snaren, een kreukje of knik is zo gemaakt met als gevolg een zwakkere plek en dus een snaar die sneller zal breken. Check of je gitaarkam geen “randjes” heeft (daar breekt je snaar dan sneller op). En (bij steelstrings), als je merkt dat je snaren in stemming “verspringen”, “teken” dan met een scherp potlood wat grafiet in de gleufjes van je topkam (daar waar je snaren door- of overheen lopen). Zo glijden je snaren beter!

Succes en… veel speelplezier!

gitaarsnaar

 


Posted in Blog, Welke snaren?.

De gitaar, enkele feiten

De Methode

Thuis Gitaarles

De methode is zo ontwikkeld dat het kunnen lezen van notenschrift niet direct noodzakelijk is. Er wordt er veel aandacht besteed aan de juiste houding en het ontwikkelen van een muzikaal gehoor (stemmen op het gehoor bijvoorbeeld). Daarnaast wordt geprobeerd om de muzikale voorkeur van de leerling tot uiting te laten komen in het lesmateriaal. De lessen worden altijd op het individu (of duo) afgestemd.De gitaar wordt vanuit de klassieke theorie benaderd. Er wordt  begonnen met de basis, dus het benoemen van de snaren, de onderdelen van het instrument,  het leren stemmen, de houding van handen en lichaam. Tevens wordt  vrij direct een begin gemaakt met het “aanslaan” van de snaren, en met 1 of 2 eenvoudige akkoorden, om zodoende al een gevoel te krijgen over wat een gitaar kan. Spelenderwijs wordt dit vervolgens uitgebreid.

Tablatuur

TablatuurVeel van de hedendaagse gitaarmuziek wordt niet alleen via notenschrift uitgewerkt, maar steeds meer via zogenaamde “tabs”. In de lessen wordt hier aandacht aan besteed: Hoe lees je deze tabs, hoe maak je ze zelf?

Ritme

Erg belangrijk is de ritmiek in de aanslag van de gitaar. Immers, hier staat of valt een liedje vaak mee. In de lessen leer je spelenderwijs de diverse ritmes en manieren van aanslaan. Ook  wordt het plectrum-gebruik zeer uitvoerig besproken.

Fingerpicking

Een andere vorm van gitaarspelen die zeer vaak wordt gebruikt is het zogenaamde “fingerpicking”, ook wel het tokkelen met je vingers. Dit wordt, van zeer eenvoudig naar lastiger, uitgelegd en langzaam (ook door langzaam te spelen!) bijgebracht.

Akkoorden

In de lessen wordt uitvoerig ingegaan op de akkoorden. Hoe zijn ze opgebouwd, waar op de gitaar “liggen” ze? Wat is een akkoord eigenlijk? En wat is mineur? Majeur? Dominant? Toonsoort?

 

Nieuwsgierig geworden na het lezen van “De gitaar, enkele feiten” en zin om met de theorie aan de slag te gaan tijdens een gitaarles? Neem contact op voor de mogelijkheden.


Posted in Blog, Lesmethodiek.

Inspiratie opdoen op YouTube

Thuis Gitaarles heeft een eigen YouTube kanaal. Hieronder tref je een selectie aan van de door Thuis Gitaarles op YouTube geselecteerde gitaarstukken.

 

Flamengo!

 

Een virtuoos! Geluid is helaas niet zo goed….maar toch de moeite meer dan waard…!

 

1 gitaar! 🙂 W.O.T.E

 

 

3 gitaren, 3 stemmen. Top.

 

Spaans. Meesterlijk.

 

Duet. Mooie heldere gitaarklanken!

 

Live. Publiek gaat helemaal mee op het eind…

 

Bruce Cockburn rocks!

 

Lindsey speelt nooit met plectrum. Nooit geleerd zegt hij. Hoeft (dus) ook helemaal niet!

 

Kensington doet Coldplay. En hoe!

 

House op gitaar??


Posted in Blog, Inspiratie.

Het stilste kamertje

Het stilste kamertje ter wereld

stilste-kamerHiernaast zie je de “stilste kamer ter wereld” (Orfield laboratorium). Het geluidsniveau in deze kamer is -9 dB (Decibel). Het is er ongelooflijk stil! De wanden, het plafond en de vloer absorberen bijna al het geluid, ze reflecteren het vrijwel niet, wat de meeste oppervlakken wel doen; Doe je gordijnen thuis maar eens dicht en de kamer klinkt direct anders, want je gordijnen absorberen en weerkaatsen (een deel van) het geluid.Het is in het stilste kamertje van de wereld zo stil dat je je eigen hartslag, ademhaling, borrelende geluiden in je buik, en/of het suizen van je oren extreem goed gaat horen. Sterker nog, deze geluiden gaan zo overheersen dat je kunt gaan hallucineren. Het gevolg is dat tot nu toe niemand in staat is geweest langer dan 45 minuten in deze kamer te verblijven. Je wordt er langzaam gek van de geluiden van je eigen lichaam…Wat is geluid?Geluid bestaat uit trillingen die de lucht (of een ander vast, vloeibaar of gasvormig medium) doen bewegen, doen trillen; Snelle trillingen (met hoge frequenties, hogere noten) en langzame trillingen (lage frequenties). En alles ertussenin uiteraard. Eigenlijk: Trage golven en snelle golven die door de lucht bewegen. Met een snelheid (bij kamertemperatuur) van ongeveer 1235 km/u. De geluidssterkte, geluidsdruk wordt normaliter gemeten in (al genoemde) decibels:Deci-Bel?

Alexander Graham Bell (1847-1922) vond de “bel” uit. Een decibel is eigenlijk een tiende van een bel (bel wordt nauwelijks meer gebruikt tegenwoordig). Decibel is geen eenheid maar een logaritmische schaal, waarbij 0dB een verhouding van 1 is (gelijkheid, eigenlijk: de de kleinst hoorbare intensiteit bij een toon van 1 kHz). Elke verhoging van 10 betekend een vergroting van energie ,of vermogen, met een factor 10. Een verhoging van 20dB is dus een factor 100, 30Db 1000, enzovoorts. De decibel werd oorspronkelijk in de telefonie gebruikt (ook een uitvinding van Bell), om de signaalverzwakking in kabels aan te duiden; Omdat een twee maal zo lange kabel een twee maal zo groot signaalverlies heeft was een logaritmische schaalverdeling nodig.

Het menselijk oor werkt ongeveer ook als een logaritmische schaal: Horen we een geluid dat twee keer zo sterk is (in geluidsdruk) als een eerder geluid en daarna weer een 2 maal zo sterk geluid, dan ervaren we het verschil in sterkte tussen de beide eerste als (ongeveer) even groot als het verschil tussen de laatste twee. Uitgedrukt in dB is er tussen het eerste en het tweede geluid een verschil van 6 dB, en tussen het tweede en het derde geluid eveneens 6 dB. In totaal bedraagt de toename dan 12 dB, wat overeenkomt met onze ervaring van een vier keer zo grote geluidsdruk, die met een tot zestien maal de oorspronkelijke geluidsintensiteit toegenomen geluidsterkte gepaard gaat. In de akoestiek wordt hierom dan ook gebruik gemaakt van de Decibel. Decibel wordt (met een aanduiding erachter) trouwens ook vaak gebruikt als referentie. (dBm, dBV bijvoorbeeld)

 Een aantal gemeten (gemiddelde) geluidsniveau’s:

  • Bibliotheek (gefluister op 1,5 meter afstand): 30dB
  • Normale conversatie op 75 centimeter afstand: 50 – 60dB
  • Normaal oefenen (normale aanslag) op de piano: 60 – 70dB
  • Piano fortissimo (zo hard mogelijk spelen): 84 – 103dB
  • Zanger, fortissimo (op 1 meter afstand): 70dB
  • Verkeersgeluid (vanuit een rijdende auto): 65 – 85dB
  • Viool: 82 – 92dB
  • Trombone: 85 – 114dB
  • MP3 speler met koptelefoon, volume op 7 (van 10): 94dB

Pas op herrie

Lang blootgesteld zijn aan geluid, luider dan 95dB kan blijvende gehoorschade veroorzaken. Heb je wel eens last gehad van een “piep” in je oor of in één van je oren? Dat is hoogstwaarschijnlijk (beginnende) gehoorschade. Verdwijnt deze piep binnen 24 uur? Dat hoeft helemaal NIET in te houden dat je gehoor niet blijvend beschadigd is! Sommige mensen hebben helemaal geen last van een piep of ruis in het hoofd na een avondje disco. Dit is onderzocht, en het zegt niets over een eventuele beschadiging aan het gehoor. Dus ookal piept je oor nooit, toch kan het wel degelijk beschadigd zijn. Of worden. Anderen zeggen dat ze “wel tegen die keiharde muziek kunnen”. Denk jij dat ook? Dan zijn je oren wellicht al beschadigd! (want, je hebt al minder “last” van de herrie, dus je gehoor is achteruit aan het gaan…?)

  • Electrische boor(hamer): 98dB
  • Motor, sneeuwmobiel: 100dB
  • Discotheek: tussen de 90 en 110dB (eigenlijk mag je je oren maar 1 uur achterelkaar aan een dergelijke geluidsdruk blootstellen!)
  • Rock concert: 110dB (!) Tip: gebruik oordopjes die 10 à 20 dB verminderen…dat helpt al wat en je kunt het concert toch prima volgen. En ga niet met je neus tegen de luidsprekers staan, tot 2 meter afstand van de speakers is het geluid het hardst.
  • Gitaarversterker (op 2 meter, volume op 8 van 10): 120dB

125dB is de pijngrens. Bij blootstelling aan deze geluidsdruk krijg je daadwerkelijk erge pijn aan je oren. Bij 120dB gaan je zenuwen ook reageren en pijn doorgeven aan de hersenen. Bij een korte blootstelling aan 140 (of meer) dB treed direct blijvende gehoorschade op.

Een tip om hoge geluidsdruk wat op te vangen: Open je mond (en handen op je oren natuurlijk) bij of liever vlak voor de “knal”.

  • Pneumatische drilboor op 1,5 meter: 125dB
  • Motor van een Boeing 747 op 30 meter: 140dB
  • Oor springt kapot, acute doofheid: 180dB
  • Luidste geluid wat mogelijk is: 194dB

Tenslotte nog wat leuke weetjes:

  • Een mens “hoort” in het frequentiegebied van 20 – 20.000 Hz, met een maximale gevoeligheid tussen 1000 en 4000 Hz. ( 440Hz is een “A” (piano)).
  • Honden kunnen frequenties waarnemen tussen 15 – 50.000 Hz (sommige bronnen spreken zelfs van 100.000 Hz), met een maximale gevoeligheid rond 8000 Hz. Honden zijn verder in staat over een afstand van 25 meter frequenties rond de 1 à 2 Hz te horen (!) Daarnaast kan een hond de richting van waaruit geluid komt veel beter bepalen, de afwijking bij honden is daarbij maar 2% (bij mensen 15%)
  • De geluidssnelheid in lucht is 343 m/sec. Die in water is 1500 m/sec. In hout zo’n 3300 m/sec. In staal 5800 m/sec. (gemiddeld uiteraard)
  • Hoge frequenties (van 2000 tot 4000 Herz) veroorzaken bij de mens het snelst gehoorsbeschadiging.
  • Een mens kan tussen de 0 en 140dB “horen”.
  • Je hoort niet alleen met je oren, maar ook met je schedel.
  • Naarmate je ouder wordt neemt je gehoor wat af, dit gebeurd voornamelijk in de hoge frequentiegebieden.
  • Van (te) harde muziek zul je sneller vermoeid raken. Met een gebroken been kost lopen ook extra energie. Bij je oren werkt het op dezelfde manier. Uit onderzoek is gebleken dat slechthorenden veel vaker moe zijn dan mensen zonder oorproblemen.
  • Eénmaal “verloren” of “beschadigde” frequentiegebieden in je gehoor zul je nooit meer terugkrijgen. (!)
  • Eén derde van de totale geluidsdruk van een 75-koppig orkest komt van de grote trom (bass drum).
  • De arbeidsomstandighedenwet geeft aan dat bij blootstelling van 8 uur per dag gedurende 5 dagen per week bij een geluidsniveau > 80 dB(A) gehoorbescherming moet worden gebruikt. Dat zou inhouden dat, wanneer je elke dag uren in het verkeer (vast)zit, je eigenlijk gehoorbescherming zou moeten dragen. Maar of dat de verkeersveiligheid ten goede komt is natuurlijk nog maar de vraag…
  • Een mens kan, doordat we 2 oren hebben (o ja joh? ja echt), faseverschillen waarnemen doordat we de binnenkomende trillingen (immers: geluid is “trillende lucht”) anders kunnen beoordelen. We kunnen dus bijvoorbeeld horen of een speakeropstelling “in fase” is. Stereo?!
  • Je kunt ook zelf het aantal decibels van een bepaald geluid of (bijvoorbeeld) rock-concert meten. Google maar eens op “app” en “decibel”, er zijn diverse programmatjes voor, die redelijk nauwkeurig werken (op je telefoon bijvoorbeeld).

 Je hebt maar 2 oren, ga er verstandig mee om….

 


Posted in Blog, Geluid.

Geschiedenis van de gitaar

De gitaar is een snaarinstrument dat wordt bespeeld met de vingers of met een plectrum. Het woord gitaar stamt af van het Perzische “taar” dat “snaar” betekent.

De voorloper van de gitaar was de gitara, een instrument dat gebruikt werd bij de oude Grieken. Hoe dat instrument in Spanje is geraakt is niet duidelijk. Mogelijk is een luit uit Mesopotamië naar dit land gebracht door de Moren, of een Romeinse citer, waar men dan een hals zou op hebben aangebracht. Het was geen gitaar zoals we ze nu kennen, maar ze had er wel zeer veel van weg. Het succes van zowel de Spaanse Vihuela da mano, zeskorig (zes dubbele snaren), als de Italiaanse renaissancegitaar, vierkorig (vier dubbele snaren), heeft bijgedragen tot de ontwikkeling van de Guitarra Española. Deze rijkelijk versierde en met vijf dubbele snaren bespannen barokgitaar is ontstaan in Spanje op het einde van de zestiende eeuw.

Rond 1780 werd er nog een zesde paar snaren toegevoegd aan de Guitarra Española. De meeste zeskorige gitaren in Spanje werden gebouwd in Cádiz. Bijna gelijktijdig werden de zes koren ontdubbeld, eerst in Frankrijk en Italië, Spanje volgde pas veel later. Ook de snaarspanning werd verhoogd. Dit werd dan de zes-snarige “romantische gitaar” genoemd, met haar typische snorvormige kam.

In de negentiende eeuw werden er mechanische stemschroeven aan toegevoegd, en rond 1884 bouwde Antonio de Torres Jurado de eerste gitaar die qua vorm en bouwprincipes maar weinig meer verschilde van de ‘klassieke gitaar’ zoals wij die vandaag kennen.

Niet alleen in Spanje maar in de meeste West-Europese landen werd dit instrument bespeeld in aristocratische kringen waar het overigens meer gewaardeerd werd dan in Spanje zelf. Gitaristen zoals Robert de Visée en Francesco Corbetta waren vast verbonden aan het hof van Lodewijk XIV. Hun muziekbundels werden opgedragen aan de koning die, evenals zijn dochters, ook zelf een fervent gitaarspeler was.

In de 18e eeuw waren Wenen en Parijs de belangrijkste gitaarcentra waar gitaarvirtuozen zoals Mauro Giuliani en Fernando Sor actief waren.

De hedendaagse gitaartechnieken zijn volledig gebaseerd op het werk van gitaristen zoals Francisco Tarréga en Emilio Pujol.

In de twintigste eeuw hebben in Spanje de (klassiek geschoolde) gitaristen Andrés Segovia en Narciso Yepes – gevolgd door Alexander Lagoya en Ida Presti in Parijs en Julian Bream en John Williams in Engeland – voor de grote doorbraak gezorgd. Ook het Concierto de Aranjuez van de componist Joaquín Rodrigo is bij een groot publiek bekend.

Thuis Gitaarles - GeschiedenisDe westerngitaar of steelstringgitaar is een akoestische gitaar met stalen snaren, niet te verwarren met de lapsteelgitaar. Evenals de Spaanse gitaar heeft de steelstringgitaar 6 snaren. Een andere veel gebruikte benaming is flattopgitaar. Als het instrument aangeduid wordt met akoestische gitaar wordt dat meestal bedoeld in tegenstelling tot de elektrische gitaar.

De steelstringgitaar heeft doorgaans een vlak bovenblad (in de V.S. wordt zij ook wel flattop genoemd). Als het bovenblad gewelfd is, is dat meestal ook bij het achterblad het geval en spreekt men van archtop. Deze archtopgitaren worden meestal elektrisch versterkt, omdat het akoestische geluid vanwege de dikte van het gebruikte materiaal kwalitatief minder is.

De achter- en zijkanten van steelstrings van hoge kwaliteit, zijn vaak uit Oost-Indisch- of Braziliaans palissander (rosewood) vervaardigd, soms van esdoorn (maple). Minder duur wordt het als de gitaarbouwer kiest voor mahonie; de kwaliteit van de gitaar kan dan nog goed zijn. De achterkanten kunnen twee- of driedelig zijn en zelfs vervaardigd zijn van synthetische materialen (zie Ovation). Ook de manier waarop de klankkast verstevigd wordt speelt een rol bij het geluid dat de gitaar voortbrengt. Het standaard X-frame in de klankkast kan bijvoorbeeld voorzien zijn van iets dunnere latjes. Dit versterkt de trillingen van het bovenblad en is met name gunstig voor de weergave van de lage tonen.

Steelstringgitaren zijn er in vele vormen en maten. Anders dan bij de klassieke gitaar, waar de vormgeving meestal zeer traditioneel is, is het in de wereld van de steelstringgitaar zeer gebruikelijk te experimenteren met materialen, vormen en constructies. Dit zorgt voor een grote verscheidenheid aan instrumenten, waardoor de beginner door de bomen het bos vaak niet meer ziet. Een steelstringgitaar met 12 snaren staat bekend als 12-snarige gitaar. Alle snaren zijn dubbel uitgevoerd, waarbij vier van de zes standaardsnaren er een snaar naast krijgen die een octaaf hoger klinkt. De twee hoogste (dunste) snaren krijgen er een snaar bij die identiek is. Dit alles veroorzaakt een voller en rijker geluid.

Een enkele keer worden steelstringgitaren met bijvoorbeeld 7 (of een ander afwijkend aantal) snaren gemaakt. Drie veelvoorkomende modellen zijn de dreadnought, de standaardwesterngitaar en de jumbo, een grotere gitaar met meer volume.

Een elektrische gitaar is een gitaar die doorgaans geen klankkast heeft maar haar geluid uiteindelijk produceert door een luidspreker. De trillingen van de stalen snaren worden opgepikt door elektromagnetische opnemers (elementen) die bestaan uit magneten en spoelen. De verstoringen van het magneetveld worden omgezet in elektrische stroom die via een instrumentkabel van de gitaar naar een versterker wordt geleid. Deze versterker zet het elektrische signaal uiteindelijk met een luidspreker om in hoorbaar geluid. De vorm van de gitaar is nauwelijks van belang voor de uiteindelijke klank van de gitaar maar des te meer voor het speelgemak. Hoe minder geluid er van de trillende snaar wordt overgedragen op de ‘body’ van de gitaar, hoe langer een snaar kan blijven trillen. Dit lange doorklinken (sustain) geeft mogelijkheden die een akoestische gitaar niet heeft. Vaak is er op de elektrische gitaar eenvibratosysteem (ook bekend als tremolo, al is dat iets anders) gemonteerd, waarmee je de klank van de gitaar kan laten vibreren door de spanning in de snaren afwisselend te verlagen en te verhogen.

Enkele van de eerste elektrische gitaren gebruikten pickups van wolfraam en werden in de jaren dertig gemaakt door Rickenbacker, ontworpen door George Beauchamp. De eerste opname met een elektrische gitaar gebeurde door jazzgitarist Eddie Durham in 1937. Durham toonde het instrument aan de jonge Charlie Christian, die het instrument bekend maakte. Hij had een grote invloed op jazzgitaristen gedurende tientallen jaren.

Het bedrijf Audiovox bouwde midden jaren dertig een solidbody-gitaar en zou die ook verkocht hebben. In het begin van de jaren veertig bouwde musicus en uitvinder Les Paul, die werkte bij de Gibson Guitar Corporation, in zijn vrije tijd ook een solidbody-gitaar, en hij nam er patent op.

In 1950 en 1951 ontwierp Leo Fender, bouwer van elektronische versterkers, de eerste commercieel succesrijke solidbody elektrische gitaar met een enkele magnetische pickup, de “Fender Esquire”, voorloper van de Telecaster. In 1954 introduceerde Fender de Fender Stratocaster of de “Strat”. De Stratocaster is de meest verkochte gitaar aller tijden. Fender was ook de eerste die met een elektrische basgitaar kwam in 1951, de Precision Bass. (Bron: Wikipedia)

 

 

 


Posted in Blog, Geschiedenis van de gitaar.